De agrarische sector kent een verhouding die in weinig andere sectoren zo scherp ligt: de tijd van de onderneming en de tijd van het land lopen niet gelijk. Een bestuursbesluit is in weken genomen; een bodem, een veestapel of een pachtcontract verandert in seizoenen of generaties. Wie in deze sector met stakeholders spreekt, spreekt daarom niet alleen met mensen die een mening hebben, maar met mensen die in een ander tempo denken dan de directie. Dat verschil in tempo is vaak de eerste bron van onbegrip, nog voordat er over inhoud wordt gesproken.
Daar komt bij dat de keten in de agrarische sector ongewoon lang en ongewoon zichtbaar is. Van de individuele boer of teler, via coöperaties en verwerkers, naar retail en consument: iedere schakel heeft een eigen belang en een eigen verhaal over wie de rekening van verduurzaming, stikstofbeleid of prijsdruk betaalt. Voor een bestuurder die vanuit het hoofdkantoor naar deze keten kijkt, is het verleidelijk om de keten als één blok te zien. Voor de mensen in die keten is het zelden zo simpel.
Binnen de agrarische sector wisselt de kring van relevante stakeholders sterker per dossier dan in veel andere sectoren. Bij een vraagstuk over grondgebruik zijn omwonenden, waterschappen en provinciale overheden vaak net zo bepalend als de eigen leveranciers; wie wil scherpstellen op wat zij verwachten, vindt aanknopingspunten op wat wilt u weten van omwonenden. Bij een vraagstuk over arbeidsvoorwaarden of seizoenswerk ligt het zwaartepunt juist bij de eigen mensen, en is het onderscheid tussen wat leidinggevenden denken te weten en wat medewerkers zelf zeggen te ervaren van belang; die kant van de uitvraag wordt behandeld op wat wilt u weten van medewerkers.
De agrarische sector heeft daarnaast een kenmerk dat haar onderscheidt van sectoren als de financiële dienstverlening of de ict-sector: het draagvlak wordt niet alleen bepaald door wat een onderneming doet, maar door wat een hele streek van een onderneming verwacht. Een vergelijking met andere sectoren maakt dat verschil zichtbaar. In de financiële dienstverlening ligt de aandacht doorgaans bij toezichthouders en klanten, zoals te lezen is via met wie moet u praten in de financiële dienstverlening; in de energiesector verschuift het zwaartepunt vaak naar omwonenden van infrastructuur en naar overheden, beschreven op met wie moet u praten in de energiesector. In de agrarische sector spelen al deze partijen tegelijk een rol, naast een groep die in andere sectoren minder prominent is: de opvolgende generatie binnen het eigen bedrijf, voor wie de onderneming niet alleen een werkgever maar ook een familiegeschiedenis is.
In een sector waar vertrouwen over generaties wordt opgebouwd, telt een gebroken belofte anders dan elders. Een bestuurder die een grote investering in duurzame stalsystemen uitstelt, kan dat vaak nog uitleggen aan wie de context begrijpt. Een toezegging aan een lokale coöperatie of een enkele leverancier die niet wordt nagekomen, ook als die toezegging klein was, wordt binnen een streek sneller doorverteld dan een strategische koerswijziging. De schade zit niet in de omvang van het gemiste bedrag, maar in het feit dat een woord niet hield. Dat is de reden waarom het volgen van toezeggingen een apart aandachtspunt verdient, los van de vraag of het grote beleid op koers ligt.
De Trust Baseline zet een interne uitvraag naast een externe uitvraag onder de partijen die voor een agrarisch bedrijf relevant zijn: dat kan een keten van toeleveranciers zijn, een groep omwonenden, medewerkers op het erf, of een combinatie daarvan. Het verschil tussen wat het management denkt dat er speelt en wat die partijen zelf aangeven, is de eerste uitkomst. Een commitment-tracker houdt vervolgens bij welke toezeggingen zijn gedaan en of ze zijn nagekomen, en een signaal-ritme zorgt dat dit niet bij een eenmalige meting blijft.
Wat de Trust Baseline niet doet, is een uitspraak vormen over wat een omwonende, een leverancier of een medewerker daadwerkelijk vindt. Dat weten wij niet totdat die persoon het zelf zegt. Het instrument meet het verschil tussen de aanname en de uitspraak, niet de uitspraak zelf.
De Trust Baseline wordt op dit moment gebouwd. Wie voor een agrarisch bedrijf, coöperatie of keten geïnteresseerd is in deze aanpak, kan zich aanmelden voor de wachtlijst. Er is nog geen module die op dit moment kan worden ingezet; wat er wel is, is een werkwijze die wordt uitgewerkt op basis van sectoren waarin het verschil tussen intern beeld en extern signaal aantoonbaar telt.
Wie eenmaal scherp heeft met wie in de agrarische keten het gesprek gevoerd moet worden, stuit vaak op een volgende vraag: hoeveel van het werk dat nodig is om die relaties te onderhouden, te monitoren en te documenteren, vraagt om mensenhanden en hoeveel kan worden ondersteund door AI. De werkscan van FTE TO AI rekent per taak uit welk deel van het werk over te nemen is, en biedt zo een aanvullend beeld naast de vraag wie u moet spreken: namelijk hoe u de tijd vrijmaakt om dat gesprek ook daadwerkelijk te voeren.
Vraag maar. Het interessantste antwoord komt meestal van wie u nog niet heeft gesproken.
Antwoorden komen uit de kennisbank van deze site. Geen advies op maat, en geen scan van uw bedrijf.